Brief aan Mars – VIII

Lieve Mars, Ik ga je vereeuwigen. Ik heb besloten dat mijn boek over jou, over mij en over de spelingen van het lot moet gaan. Misschien is dat wel het enige boek dat ik ooit zal schrijven. Misschien is het wel het laatste dat ik doe. Je kijkt me aan vanuit je lijstje, en je glimlach spettert bijna uit het glas. Ik kan in wezen nog steeds niet geloven dat je dood bent. En ik ben bozer op niemand in bijzonder dan ooit tevoren. Ik heb de hele avond buiten gezeten en naar de sterren gekeken. Venus werd vager en

Lees verder »

Want waarom anders?

Hij leest me voor uit Nescio. Het is zondagochtend, een uur of vier in de vroege ochtend. Eerder hebben we een theatervoorstelling bezocht en heel wat uurtjes weg gekletst in een naburig gelegen cafe. Nu zijn de koffie en de broodjes op en leest hij met zijn warme en prettige stem zijn favoriete passages uit de paperback met verzameld werk, die ik eens uit een doos met tweedehands boeken redde. Het licht van de kaarsen werpt een schaduw op het kuiltje in zijn hals. Mijn blik trekt daar steeds naar toe en ik vang mijn gedachte, dat ik daar iets

Lees verder »

Liefdeloos

Hij kijkt me met bijna geschokte verbazing aan. We liggen naakt en tijdelijk voldaan tegenover elkaar. Ik kan een blos van schaamte maar ternauwernood onderdrukken. Hij heeft natuurlijk gelijk. De manier waarop de Manager me behandelt gaat alle perken te buiten en dat ik me dat aan laat leunen is te zot voor woorden. Maar op de een of andere manier dringt het pas goed tot me door, nu een andere man dat gedrag ook veroordeelt. Hij maakt me aan het lachen zoals hij liefkozend op me moppert. Ik verdedig de Manager en vertel Toyboy dat ik tamelijk teut was, die bewuste avond.

Lees verder »

Brief aan Mars – VII

Lieve Mars, Zelfs je naam lijkt verder weg. Ik hoor je stem niet meer en ik droom niet langer over je. Nu en dan hoor ik, zo zacht en zo sereen, de echo van je ziel weerklinken in de dingen die ik doe. Het is niet dat je verdwenen bent. Zoals je vijf maanden geleden in aarde bent begraven, zo ben je ook in mij begraven. Ik denk dat dit misschien de laatste brief is die ik je schrijf. Het is een lange winter geweest. Nu jubelt de Grote Lijster iedere ochtend haar mooiste repertoire tegen de standvastige, grijze wolkensluier,

Lees verder »